De cubaanse revolutie

with Geen reacties

De dag van de revolutie
1 januari is een belangrijke dag voor de Cubanen. Op die dag wordt de Cubaanse revolutie herdacht (Bevrijdingsdag) en 2 januari is de dag van de overwinning. Voor wie Cuba al eens heeft mogen bezoeken merkt op dat de revolutie nog steeds een groot deel van het straatbeeld bepaald. In het publieke domein wordt de revolutie actief levend gehouden, zo zijn velen muren in de hoofdstad Havana beschilderd met teksten en afbeeldingen die hier actief naar verwijzen. Daarnaast zijn complete musea rondom dit thema ingericht en is het een vast onderdeel van het onderwijscurriculum. Buiten Cuba wordt de revolutie nogal eens geromantiseerd en is de kennis over dit onderwerp minimaal. Iedereen kent Che Guevara, Fidel- en Raul Castro en de oude Amerikaanse auto’s die vandaag de dag nog steeds rondrijden. En voor de gene die meer informatie over de revolutie opzoekt, die krijgt veelal een eenzijdig beeld, gestoeld op een klassiek westerse visie. Deze westerse visie is gevormd onder sterke Amerikaanse (anti-Cubaanse) invloeden. Waardoor we bij voorbaat gekleurd zijn wanneer we naar dit onderwerp kijken.

In de Cubaanse hoofdstad Havana zie je veel verwijzingen naar de Cubaanse revolutie en de PCC.

Wat maakt een revolutie succesvol?
Als we de geschiedenisboeken in duiken dan is het een bekend fenomeen: de revolutie. Sinds de ontwikkeling van het openbaar bestuur zijn er revoluties. Soms zijn deze revoluties succesvol, maar meestal is dit niet het geval. Deze opstanden worden door de zittende macht vaak de kop ingedrukt of de revolutionairen worden wrede dictators die zichzelf ten koste van het volk verrijken en na loop van tijd zelf onderhevig zijn aan een nieuwe revolutie. De Cubaanse revolutie is volgens bestuurskundige begrippen wel succesvol. Dat roept de vraag op: hoe kan dat? Wat zijn de succesfactoren voor een revolutie? Mijns inziens zijn drie factoren van belang:
1. Collectieve ontevredenheid, zonder zicht op verbetering. (fundamentele ontevredenheid)
2. Collectieve handelingsbereidheid (men moet bereid zijn om actie te ondernemen)
3. Collectief perspectief (men moet geloven dat verbetering mogelijk is)

Dictatuur
Deze factoren waren allemaal aanwezig in de aanloop van de daadwerkelijke revolutie. Dictator Batista kwam in 1933 aan de macht na een opstand, gesteund door de Verenigde Staten. Batista was slim en bestuurde Cuba meer dan tien jaar, zonder zelf president te zijn. Hij benoemde in die tien jaar steeds bevriende bestuurders, zo bleef hij zelf grotendeels uit de wind. In deze tijd verdwenen veel criticasters, zonder een enkel spoor na te laten. Uiteindelijk werd hij in 1940 zelf president. Hij schreef een nieuwe grondwet uit waarin meer macht kwam voor de communistische partij en de vakbond. Maar omdat hij deze wet nooit ten uitvoer bracht verloor hij de verkiezingen in 1944. Batista had zich hierdoor enorm impopulair gemaakt bij het Cubaanse volk.

In 1952 pleegde Batista opnieuw een staatsgreep. Hij stond er in de peilingen voor de verkiezingen slecht voor en greep dus met geweld in. Opnieuw keurde de Verenigde Staten deze staatsgreep goed. Direct na installatie van de regering Batista stelde hij grote delen van de grondwet buitenwerking; zo werd het recht op staken verboden en liberaliseerde een groot gedeelte van de markt, ten gunste van Amerikaanse georganiseerde criminaliteit. Cuba werd een gokland, met veel prostitutie en waar de bevolking het zwaar had. De Verenigde Staten verdiende goed geld, want dankzij de regering Batista kregen de Amerikanen de gunningen voor grote bouwprojecten. De werkloosheid nam toe, zo ook de collectieve ontevredenheid.

Tanks in Havana herinneren aan de revolutionaire strijd.

Protesten en een mislukte staatsgreep
Al snel ontstonden de eerste protesten in Cuba. Fidel Castro, afgestudeerd advocaat, wist hoe erg de rechten van het volk geschonden werd. De democratie werd buitenspel gezet en het grote (Amerikaanse) geld regeerde! Hij voegde zich bij de eerste groep revolutionairen, samen met zijn broer Raul. Deze groep viel een legerkazerne aan, dit mislukte. Veel revolutionairen werden gedood, Fidel en Raul werd gevangen genomen en zaten twee jaar vast. In 1955 riep Batista verkiezingen uit. Hij won die glansrijk, hij was namelijk de enige kandidaat. Bevangen door de arrogantie van de macht en onder druk van de Mexicaanse overheid, liet Batista de revolutionairen in 1955 vrij, hij was overtuigd van zijn populariteit onder de bevolking. Castro week vervolgens uit naar Mexico. Ondertussen groeide de collectieve ontevredenheid en namen de protesten toe. Batista zette de veiligheidsdiensten hardhandig in om een einde te maken aan de protesten. Dit versterkte de collectieve handelingsbereidheid van de Cubaanse bevolking, zij kwamen steeds vaker in verzet.

Fidel, Raul, Che en Camilo
In Mexico ontmoetten Fidel en Raul, Che Guevara en Camilo Cienfuegos. Op 2 december 1956 kwamen zij per schip aan in Cuba om het verzet te leiden tegen de dictator Batista. Vanuit de bergen bouwden zij met andere rebellen aan georganiseerd verzet. Twee jaar lang voerden zij acties uit, maar nooit ten koste van de burgerbevolking. De sympathie nam toe. Uiteindelijk schreven zij geschiedenis: met enkele honderden revolutionairen slaagden zij erin het leger van Batista, wat bestond uit duizenden militairen, te verslaan. Batista verloor de controle over zijn leger en de Amerikaanse steun brokkelden af. Op 1 januari 1959 vluchtte hij naar de Dominicaanse Republiek.

De regering Castro begon direct met economische- en sociale hervormingen, hierdoor groeide de steun nog verder voor Fidel en zijn kompanen. Omdat de Castro’s Batista had verjaagd en streefde naar sociale- en economische hervormingen voelden de Amerikanen zich economisch en ideologisch bedreigt. Castro maakte immers een einde aan de Amerikaanse inmenging in Cuba en stelde niet langer het grote geld centraal, maar de bevolking. In 1961 viel de CIA Cuba binnen bij de Varkensbaai, met als doel om de regering Castro omver te werpen en een pro Amerikaanse regering te installeren. Dit mislukte faliekant en de Amerikanen leden enorm gezichtsverlies. Hierop werd door de Amerikanen de economische blokkade tegen Cuba ingesteld en vonden gedurende Castro’s leven nog tal van aanslagen plaats in de hoop Castro te vermoorden en een machtsstrijd te ontketenen in Cuba. Castro was zelf aanwezig op het slagveld bij de Varkensbaai, hierdoor won hij aan populariteit onder de Cubaanse bevolking. De Amerikaanse invasie had dus een averechts effect.

Foto van Fidel Castro in 1970. Deze foto hangt in het Nationale Museum in Havana.

De economische blokkade
De economische blokkade had grote gevolgen voor de economie en het beleid van de Cubaanse regering. De Amerikanen stelde de blokkade in, in de hoop dat er collectieve onvrede onder de bevolking zou ontstaan. De gedachte was immers dat zonder handel er geen financiering was voor de plannen van de Cubaanse regering. Hierop zocht Fidel een samenwerking met de Sovjet-Unie, die niet meedeed aan de economische blokkade. De band tussen de Sovjet-Unie en Cuba werd steeds sterker. In 1961 verklaarde Castro dat de revolutie een socialistische revolutie was en in ’65 werd hij de eerste secretaris van de nieuw opgerichte Communistische Partij (PCC).

Cubaanse Economie
Inmiddels is het de langstdurende economische blokkade uit de wereldgeschiedenis. Cuba verloor door het instorten van de Sovjet-Unie haar belangrijkste handelspartner. Hierdoor kwam het land economisch verder geïsoleerd te liggen. Voor veel landen is dit het begin van het einde, maar Cuba overleefde, zonder dat de ontevredenheid van de bevolking toenam. De economie van Cuba heeft zich nooit sterk kunnen ontwikkelen, de economische blokkade, het ontbreken van belangrijke natuurlijke grondstoffen en de val van de Sovjet-Unie zijn hier directe oorzaken van. In dat opzicht kan de Cubaanse economie ingedeeld worden in het lijstje van derdewereldlanden. Desalniettemin zijn ze erin geslaagd om een maatschappij op te bouwen die cultureel, intellectueel en sociaal zeer ontwikkeld is. De Cubaanse samenleving past weliswaar niet in het Westerse plaatje van vrijhandel, marktwerking en individualisme, toch presteert Cuba op tal van beleidsterreinen goed.

Een bezoek aan het provinciale kantoor van de PCC in Cienfuegos. Na mijn bezoek wilde een Cubaan even op de foto.

Zorg en solidariteit
Zo is de gezondheidszorg van zeer hoog niveau en tevens toegankelijk (gratis) voor alle Cubanen. Dat solidariteit en socialisme niet bij de grenzen van het eigen land ophouden brengt Cuba in de praktijk: meer dan 50 duizend gezondheidswerkers, werken in het buitenland. Sinds 1998 zij meer dan 20 duizend artsen uit Minder Ontwikkelde Landen (MOL-landen) gratis opgeleid. Cuba zendt in haar eentje meer dokters uit dan de VN doet. Indrukwekkende cijfers waardoor de levenskwaliteit van mensen direct wordt verbeterd.

Onderwijs
Het onderwijsniveau is tevens van uitstekende kwaliteit en toegankelijk voor alle Cubanen. Ook hier stopt de solidariteit niet bij de grenzen. Zo zijn er wereldwijd tussen Hogescholen- en Universiteiten samenwerkingsverbanden op het gebied van onderzoek- en kennisuitwisseling. Vanuit Caribisch Nederland studeren veel studenten een semester (of een gehele opleiding) in Cuba.

El Capitolio: dit is het voormalige regeringsgebouw, sinds de revolutie is dit het academisch gebouw van de wetenschappen.

Duurzaamheid
Fidel Castro was de eerste wereldleider die waarschuwde voor de uitroeiing van het menselijke soort. In 1992 waarschuwde hij de wereld voor een ecologische ramp, als gevolg van doorgeschoten consumentisme. Er is een radicaal ander beleid nodig, willen we niet in een onomkeerbare situatie terecht komen zij hij. Cuba zelf is daarin geslaagd: het is het enige land ter wereld dat volgens de Human Development Index (HDI) een hoge sociale ontwikkeling combineert met een lage ecologische voetdruk. Dat is direct het gevolg van overheidsbeleid. De overheid heeft 20% van het Cubaanse land en 27% van de zee aangewezen als beschermd gebied. Ter vergelijking: de VN-landen hebben afgesproken dat voor 2020, 17% van het land en 10% van de zee beschermd is. Cubanen gebruiken dus niet meer grondstoffen dan de aarde aanvult, in Nederland gebruiken we drie keer meer!

Unieke prestaties
Wat je politiek ook van het Cuba vindt, het is een feit dat het uniek is dat een land, welk internationaal zo economisch geïsoleerd (geblokkeerd) is, zich op deze manier heeft kunnen ontwikkelen. Zorg- en onderwijs zijn toegankelijk en van zeer hoog niveau, het analfabetisme is 0, duurzaamheid is een belangrijk onderdeel van het overheidsbeleid. Met een binnenlandse besteding voor zorg, van 11,1% van het Bruto Binnenlands Product (GDP), ligt de Cubaanse levensverwachting bij mannen op 77 jaar, bij vrouwen op 81 jaar, volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). In Nederland is dit bij een besteding van 10,9% van het GDP op 80 jaar bij mannen en 83 jaar bij vrouwen. Het Cubaanse overheidsbeleid heeft zich door de jarenlange economische blokkade moeten aanpassen. De blokkade heeft van Cuba een socialistische proeftuin gemaakt, met wisselende resultaten. Het is dus niet alleen maar kommer en kwel, iets wat het kapitalistische westen ons vaak voorschotelt. Natuurlijk zijn er ook zaken die verbetering behoeven. Zoals op ieder land, dus ook op Cuba, kan je kritiek leveren en is er ruimte voor verbetering. Ik zal hier in een volgend blog bij stil staan.

Dat neemt niet weg dat het logisch is dat Cuba dit jaar extra stilstaat bij de Revolutie. De Cubanen hebben hun collectieve ontevredenheid, omgezet naar collectieve handelingsbereidheid. Omdat er perspectief is ontstaan voor de Cubaanse bevolking, ondanks de blokkade, ondanks de soms moeizame weg. De inrichting van een land, het openbaar bestuur en een samenleving zijn nooit een product van toeval, maar de uitkomst van politieke keuzes en (functionerend) openbaar bestuur. In dat licht is het dan ook logisch om stil te staan bij de Revolutie, om het bewustzijn levend te houden. Omdat wanneer mensen samen komen en opkomen voor hun collectieve belang, dit succesvol kan zijn, ook als dit afwijkt van de westerse standaarden!

Als bestuurskundige was ik door de Cubaanse ambassadeur in Nederland, mevrouw Soraya Elena Alvarez Nuñez, uitgenodigd om aanwezig te zijn bij de viering van de revolutie.

Over de auteur: Bas van der Voort (1991) is afgestudeerd bestuurskundige met een specialisatie in Global Development Issues. Hij is altijd opzoek naar internationale voorbeelden op het gebied van overheidsmanagement en gelooft in internationale samenwerking, op basis van gelijkwaardigheid. Bas heeft bijzondere interesse in interactieve beleidsvorming, lokale democratie en participatie.

 

Reageer op dit artikel

avatar
  Subscribe  
Abonneren op